Sluiten

Liturgische kleden

De liturgische kleden hebben vaak een andere kleur, hierover wat nadere toelichting.

Nu kennen wij het kalenderjaar. Maar er bestaat ook een kerkelijk jaar. Dat begint met de eerste zondag van Advent en eindigt in de maand november met de zondag van de voleinding. De vier zondagen van Advent is een voorbereiding op Kerstfeest. De adventstijd heeft daarom een ingetogen karakter. Om die reden is de kleur paars. Immers de vraag staat dan centraal : Hoe zal ik uw ontvangen, hoe wilt Gij zijn ontmoet. Met Kerstfeest zingen wij : Daar is uit 's werelds duistre wolken een licht der lichten opgegaan. Dan moet de liturgische kleur uiteraard wit wezen.

26 december valt wat uit de toon. Dan werd van oudsher de eerste christelijke martelaar, Stefanus, herdacht (Handelingen). Rood is de kleur van die zondag. Dit geldt ook als 28 december op een zondag valt. Deze zondag staat in het teken van de kindermoord in Bethlehem. Overigens is de kleur van de kersttijd wit.

Op 6 januari vierde de kerk van de 2de eeuw het feest van de doop van Jezus door Johannes de Doper in de Jordaan. Dit feest van de Verschijning of Epiphanië werd later het feest van Driekoningen. Aan de drie wijzen uit het oosten, de vertegenwoordigers van de heidenwereld vertoont Christus zijn Godheid. Nog een andere betekenis kreeg het feest toen men er aan toevoegde de herinnering van het eerste wonder van de Heer te Kana (Joh. 2 : 1-11). Zowel op 6 januari als de zondag daarop is de kleur in de eredienst wit.

Na de Epiphaniëntijd is de kleur groen. De kleur van de stola in de lijdenstijd is paars. In de stille week waarbij wij het lijden en sterven van Christus gedenken is de kleur rood. Dat is niet het geval op Witte Donderdag. De naam van die dag geeft al aan dat de kleur dan wit is. Dit heeft te maken met het feit dat de boetelingen op die dag weer aan de Maaltijd van de Heer mochten deelnemen.

Op Goede Vrijdag wordt er meestal geen stola gedragen. Wil men dat toch doen, dan is de kleur rood.

Van Pasen tot de zondag voor Pinksteren is de liturgische kleur, hoe kan het ook anders wit. De zondag na Pinksteren is de zondag van de Heilige Drievuldigheid. Met de witte kleur wordt deze zondag gevierd.

Daarna volgen de feestloze weken. Deze duren tot en met het einde van oktober. In die maanden went iedereen aan de groene kleur. Het groen verwijst naar het uitkomend zaad.

De zondagen van november staan in het teken van de overledenen, het laatste oordeel, de opstanding en het eeuwig leven en de voleinding. November is in de regel de maand van de witte kleur.

Soms wordt een antependium gebruikt. Dat is een afhangende doek op de kansel of op de tafel. Deze antependia hebben dezelfde kleuren als die van het kerkelijk jaar.